> Het opstellen van een cognitief profiel

Onze experts in de neuropsychologie en de cognitieve psychologie hebben voor elke oefening een lijst van de gebruikte cognitieve functies bepaald en de mate waarin ze belangrijk zijn om de taak tot een goed einde te brengen. Naast de vijf belangrijkste cognitieve functies (het geheugen, de aandacht, de taal, de uitvoerende functies en ruimtelijk inzicht) worden 25 subfuncties gemeten (bijvoorbeeld het semantische geheugen, het werkgeheugen, de spellingswoordenschat, de hypothetisch-deductieve redenering of de mentale beeldvorming).

Cognitief profiel

Uw cognitieve profiel wordt dus samengesteld uit 25 indicatoren, die elk een score tussen 0 en 100 krijgen. Het gemiddelde van deze scores geeft uw profiel. U kunt uw profiel en uw evolutie in de tijd raadplegen in de rubriek "cognitief profiel" die u terugvindt onder "Mijn resultaten". Aanvankelijk kent de software u niet en hebt u een startprofiel van 50 (de gemiddelde waarde). Dat verklaart waarom u al een medaille krijgt terwijl u nog niets gedaan hebt!

Cognitief profiel

Naarmate u meer oefeningen maakt, evolueren de indicatoren en wordt uw profiel nauwkeuriger. Het zal pas na enkele tientallen oefeningen stabiel en dus betekenisvol zijn. U kunt op elk ogenblik zien hoe uw prestaties in de voorbije weken of maanden geëvolueerd zijn, zodat u uw vooruitgang kunt volgen.

Cognitief profiel
Hoe komt het dat de grafiek van een cognitieve functie kan veranderen (stijgen of dalen) in een periode waarin u geen enkele oefening voor die cognitieve functie hebt gemaakt?

Een oefening in een bepaalde cognitieve sector traint vooral die sector maar ook, in minder mate, andere functies die bij andere cognitieve sectoren kunnen horen. Een voorbeeld: de oefening De torens van Hanoi mikt vooral op de uitvoerende functies en meer bepaald cognitieve indicatoren zoals strategie en planning. Maar ze doet ook, in mindere mate, een beroep op het geheugen, de aandacht en het ruimtelijk inzicht. Wanneer u De torens van Hanoi foutloos oplost, zal uw score voor de uitvoerende functies dus uiteraard stijgen, maar zal ook de score voor ruimtelijk inzicht verbeteren, ook al hebt u geen echte oefening voor deze specifieke cognitieve sector gemaakt.